6. Oorzaken van overgewicht en obesitas

Energiebalans
Een van de belangrijkste oorzaken van overgewicht en obesitas is een verstoring van de energiebalans. Dit kan komen door een verhoogde energie-inname en/of een verlaagd energieverbruik (minder calorieverbranding door beweging). Met name het verlaagde energieverbruik is de afgelopen 20 jaar toegenomen.

Met de intrede van de computer is de noodzaak om lichamelijke arbeid te verrichten sterk verminderd. Daarnaast wordt de drang om te consumeren door intensieve reclame en overproductie door de voedingsmiddelenindustrie gestimuleerd.
Als er over een langere tijd te veel voedselinname en te weinig beweging is zal het lichaamsgewicht toenemen. Het overschot aan energie wordt dan in het lichaam opgeslagen als vetweefsel. Op den duur leidt dit tot overgewicht en obesitas.
Voeding

Wat verder meespeelt is dat men niet alleen meer is gaan eten, maar ook dat de samenstelling van voedsel veranderd is. Men eet tegenwoordig meer vet en suiker en minder vitaminen, mineralen en andere micronutriënten.
Vet en suiker in het eten vertragen de signalen die het lichaam afgeeft bij verzadiging en dus zijn mensen die een vet en suikerrijk voedingspatroon hebben gevoelsmatig ‘minder snel vol’. Dit resulteert in een overmatige voedselinname.
Dankzij de huidige voedselindustrie is (energierijk) voedsel eenvoudig en snel te verkrijgen. In veel stadscentra wordt reclame overdadig gebruikt om mensen te prikkelen om te consumeren.

Endocrinologie
Nog niet zo heel lang geleden dacht men in de medische wereld dat vetweefsel slechts een opslagfunctie had en dat het verder geen invloed had op de rest van het lichaam.
Het beeld van vetweefsel veranderde toen in 1994 het hormoon leptine werd ontdekt. Door de ontdekking van de werking van leptine, dat inwerkt op de eetlust en het energieverbruik, werd duidelijk dat er een krachtig hormoon systeem is dat zeer nauwkeurig de eetlust en het energieverbruik regelt.

Ook werd duidelijk dat vetweefsel een actieve (en grote) rol speelt bij de hormoonhuishouding en dat dit behoorlijke effecten heeft op de rest van het lichaam. Leptine is een eiwithormoon dat uitsluitend door vetcellen wordt geproduceerd. Via leptine wordt een gebied in de hersenen gestimuleerd die stoffen produceren die eetlust remmen en een stijging van de energieverbranding stimuleren.

Gewichtstoename leidt tot een duidelijke stijging van de hoeveel leptine. Desondanks treedt bij obesitas geen feedbackremming op van eetlust. Hierdoor ontstaat er een leptineresistentie en is er amper een eetlustremmend effect.
Veranderingen in het hersenen die de eetlust beïnvloeden zijn de veroorzaker van meer dan 5 % van de patiënten met morbide obesitas.

Darm- en microfloraal gedrag
Recent werd duidelijk dat de darm flora en fauna bij obese personen duidelijk verschilt van magere personen. De darmbacteriën van obese personen zijn in staat enzymen te maken die moeilijk tot niet-verteerbare voedingsdeeltjes toch kunnen afbreken. Hierdoor kan een obees persoon meer calorieën uit zijn voedsel halen dan een persoon met een normaal gewicht.

Medicijngebruik
Sommige medicijnen kunnen een rol spelen bij gewichtstoename. Buiten de klassiekers zoals orale antidiabetica, corticoïden en hormonen zijn recent een aantal andere in de dagelijkse praktijk toegepaste middelen aan het lijstje van de obesogene stoffen toegevoegd.

Hierop treft men anti-epileptica, recent ontwikkelde atypische neuroleptica of psychofarmaca voor de behandeling van schizofrenie of psychose en de krachtige HAART, HIV- of aidsremmers.
Deze stoffen leiden niet alleen tot de ontwikkeling van viscerale obesitas en het metaboolsyndroom maar ze geven ook aanleiding tot ernstige cholesterolverhoging en suikerziekte. Het toedienen van deze medicatie bij een risicopatiënt kan leiden tot snelle en soms ernstige gewichtstoename (+20 kg.).

Stress & Langdurig slaapgebrek
De afgelopen jaren zijn er nieuwe inzichten gekomen in elementen die bij kunnen bijdragen aan het ontstaan van overgewicht en obesitas. Zo zouden slaapstoornissen, een gebrek aan slaap in het bijzonder, bij kunnen dragen aan het ontstaan van obesitas. Dit komt door de invloed van slaapgebrek op het bioritme. Wellicht spelen hormonale factoren en hun bioritmen hierin een belangrijke rol.

Risicogroepen
Uit statistieken blijkt dat overgewicht en obesitas vaker voorkomt bij kinderen/adolescenten als:
– er sprake is van een laag sociaaleconomische status
– één of beiden ouder(s) zelf overgewicht hebben
– het gezin in een stad woont

Daarnaast zijn er sterke vermoedens dat neerslachtigheid en depressie tevens kunnen leiden tot een verstoord eetpatroon en dat de kans op overgewicht en obesitas daardoor wordt vergroot.

Overgewicht komt vaker voor bij mensen van Turkse en Marokkaanse afkomst. Dit hangt samen met de met sociaaleconomische omstandigheden. Bij autochtone Nederlandse kinderen uit achterstandswijken en met ouders met een relatief laag opleidingsniveau komt ook meer overgewicht en obesitas voor dan gemiddeld.